Dubbel-concert van Boelo Klat en Marcel Kaptein  in De Wier in Koarnjum.

Het Kleinste theater in Friesland staat in Koarnjum en wordt bestierd door fotograaf en muziekliefhebber Bob de Boer. De ruimte waarin hij deze concerten organiseert is op de deel van zijn woonboerderij. Er is plaats voor 35 bezoekers. De Boer organiseert allerlei kleinkunst programma’s. Hij is altijd op zoek naar mooie concerten kwam hij in contact met de Groningse pianist en componist Boelo Klat. Afgelopen vrijdag 1 maart 2019 maakte Boelo Klat voor de tweede keer zijn opwachting in De Wier.

Marcel Kapteijn in De Wier op 1 maart. Foto Bob de Boer

De eerste set als duo met de zanger Marcel Kapteijn en de tweede met zijn Trio. Marcel Kapteijn is de zanger van de voormalige band Ten Sharp, die in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw grote successen behaalde. Na jaren van stilte is hij weer terug op het podium. Samen met de pianist Boelo Klat zingt hij nu eigen songs. Bluesy en heel melodieus. Daarmee kreeg hij het publiek direct in zijn ban. De pianist en hij passen ondanks hun verschillende muzikale afkomst heel goed bij elkaar. Boelo Klat speelt heel direct en je hebt het idee dat de muzikale lijn die hij onder de songs trekt, onherroepelijk de enig logische is. Marcel Kapteijn zingt met dezelfde zekerheid. Indringend, met een sterke spanningsboog waarin hij je meeneemt. Vooral als je een beetje van de Blues houdt. In zijn songteksten heeft hij citaatjes van beroemde popsongs verwerkt, die daar uitstekend passen.

Trio Boelo Klat met Jan Ruurd Oosterhaven en Ancel Klooster begeleiden Marcel Kapteijn. Foto Bob de Boer

Na de pauze maakten Jan Ruerd Oosterhaven op elektrische en contrabas en Ancel Klooster op drums het Boelo Klat Trio compleet. De bassist leek nieuw in het trio. Dat was enigszins te merken aan de signalen die van achter de piano zijn richting uitgingen. Later in de set zou Ancel Klooster vertellen dat Jan Ruerd Oosterhaven invaller was en zo de avond gered had. Zijn spel paste wel mooi in de logische opbouw van de pianomuziek. Op contrabas speelde hij basale baslijnen in de begeleiding en in zijn solo’s overheerste het zware geluid. Op zijn prachtige zelfgebouwde elektrische bas durfde hij meer en werd zijn spel lichtvoetiger. Deze bas bestaat uit een essenhouten balk waar overheen de snaren zijn gespannen. De body van de bas bleek echter ‘slechts’ een stevige voor- en achterkant te zijn. Als geheel een heel mooi resultaat. Ancel Klooster speelde op zijn drumstel heel gevarieerd. Opvallend was dat hij veel sfeer maakte door zijn bekkens te gebruiken. Daarmee kleurde hij de stukken en zijn solo’s mooi in. Achteraf bleek dat hij bij de bekken fabrikant zijn ‘deksels’ heeft mogen uitzoeken. Zo wordt hij echt gelijkwaardig aan de andere twee. Zo blijft het trio zich door de veranderende inbreng voortdurend ontwikkelen.
Jazz en Blues kwamen in dit concert  in De Wier perfect samen.

Plaats een reactie