Jasper Blom verdient de Boy Edgar Prijs 2019

Het frontje van de cd Pie Dough van Zut Alors! uit 1991. Dit zal zijn eerste cd zijn. De achterkant van het omslagje was trouwens het spiegelbeeld van de voorkant. En het nummer van de CD is JB26

Als er iemand al dertig jaar bescheiden en integer met Jazz bezig is geweest, dan is het deze muzikant wel. Jasper Blom werkt zich voortdurend een slag in de rondte met Jazz. Groepen vormen, sideman in vele groepen en Lesgevenen vooral: Studeren, studeren, studeren. Dat mondt ook uit in zich steeds vernieuwende muziek. Daarom bouwt hij met een vast kwartet een oeuvre op van tien cd’s. Een prestigieus project dat hopelijk mag slagen. Daarvan heeft hij de helft al gehaald.

Zijn huidige Quartet en de eerste vijf cd’s

Voor dit kwartet heeft hij enkele hele grote Nederlandse muzikanten in de wacht weten te slepen: Jesse van Ruller is een van de meest begaafde gitaristen die we kennen, Frans van der Hoeven is een van de drukst bezette bassisten en Martijn Vink is de Nederlandse drummer par Excellence. Hij heeft ervaring in alle soorten Jazz en speelt net zo makkelijk in een popgroep.
Je kunt de ontwikkeling van de muziek van Jasper Blom vanaf 2007, toen de eerste cd met dit kwartet werd opgenomen, in de opeenvolgende cd’s ontwaren: de eerste twee cd’s werden strak door ditzelfde kwartet opgenomen. Echter op de tweede vind je al een stuk terug dat gestoeld is op de Middeleeuwse muziek! Van de componist Solage. Met andere woorden hij was toen al bezig met de muziek van pak weg 600 jaar geleden.
Op de derde kwam de Belgische zangeres Tutu Puoane zingend en improviserend in een nummer tevoorschijn.
Op de vierde kwamen opnieuw in enkele composities een zangeres en een zanger tevoorschijn: Lilian Vieira en Ruben Hein. Op deze cd hoor je ook het effect van de knoppen en schuiven terug. De zang van Lilian Vieira wordt eerst door de elektronica geleid. Ruben Hein zingt eerst unisono met de sax mee, om vervolgens in duel met de saxofonist te gaan.

Het front van zijn vierde kwartet cd ‘Audacity’. De andere vier hebben een vergelijkbaar front, maar dan met een ander lichaamsdeel met benoemingen van lijnen en delen. Deze cd werd gepresenteerd, januari 2015

De vijfde cd blijkt een dubbelaar te zijn. Ze zijn beide in hun geheel met een gastsolist live opgenomen in het Bimhuis. Hier hoor je dat Blom zijn spel opnieuw heel anders heeft laten beïnvloeden. Voor de thematiek op deze beide cd’s is hij in de Middeleeuwse Polyfone muziek gedoken. Zo heeft hij de voor de setlist met de Belgische trompettist Bert Joris stukken uit de Middeleeuwse Muziekliteratuur genomen en naar zijn hand gezet. Voor de speellijst met Nils Wogram als gastsolist, krap twee jaar later, ligt het accent veel meer op het uitwerken van de polyfonie. Dat wil niet zeggen dat die meerstemmigheid tijdens het concert met Bert Joris, twee jaar eerder, ontbreekt. Daar lag het concept anders. In de tussentijd heeft hij met Joris Roelofs een tijdlang de muziek van Debussy uitgewerkt. Noem dat niet Impressionistische muziek! Daar had Claude zelf een grote hekel aan.
Deze eerste vijf rechtvaardigen de vraag hoe het verder gaat met zijn ontwikkeling! De zesde lijkt in voorbereiding onder de werktitel Polyphony part three. met de pianist Pablo Held als gast solist. De muziek die Jasper Blom met hem speelt is gestoeld op de hedendaagse compositie techniek zoals die door Nederlandse Componist Peter Schat in zijn Toonklok systeem is verwerkt. die gaat uit van drieklanken.

Enkele Bands

Het eerste signaal van Jasper Blom in  1989, toen hij al druk bezig was in de Jazz. Uit: JazzNu 125 van april 1989.

Terug gravend in de tijd, vind je een eerste bericht in het toenmalige JazzNu nummertje 125 van April 1989: in de Rubriek “Nieuw Talent” van het Reclamebureau van Han Schulte en Partners. 24 jaar was de saxofonist toen en had al of zat op dat moment in vier groepen: Bad Circuits, Vibes Unit, Jasper Blom Kwartet en Cees Slinger’s Octet. Die groepen kunnen sindsdien fors met eigen groepen en lidmaatschappen worden aangevuld. Onder andere met  Supreme Headquarters, Zut Alors, 5 up High en Ensemble à l’improviste, zijn eerbewijs met Joris Roelofs aan de muziek van Claude Debussy. Natuurlijk zit hij ook in de David Kweksilber Big Band en speelde hij bij Corrie en de Brokken. Hij was lid van Estrella Acosta’s Estrella de Ahora,. Werkte in Mona Lisa Overdrive en niet te vergeten bij Mark van Vugt’s Big Bizar Habit. Hij was de saxofonist in Tripod van Francien van Tuinen en lid van het dubbel Quintet van Pierre Courbois. Allemaal bijzondere projecten en groepen, die deels in de vergetelheid zijn geraakt. Verder speelde hij met en in een onafzienbare rij musici en groepen. Samen met Maarten Hogenhuis op alt is hij ook de saxofonist van Krupa & the Genes.

Ugly Beauty

Een bijzonder gebeuren was dat hij in eerste instantie de saxofonist was in Ugly Beauty, het bandje van Robert Jan Vermeulen, waarin alleen stukken van Thelonious Monk werden gespeeld (en een enkele compositie van Misha). Echter omdat Jasper tijdens de cd-opname niet bereikbaar was, nam Benjamin Herman zijn plaats in en die deed dus aansluitend de tournee. Ben Herman kon op zijn beurt niet bij het laatste concert van dit kwartet zijn, zodat Jasper toch nog een keer zijn studiewerk aan dit project live kon testen.

De humor in zijn titels en aankondigingen

Zijn aankondigingen zijn in de regel droogkomisch. Je moet er als het ware een of meer dekens van af pellen.  Een klassiek gegeven is zijn titel “Your beauty and my brains” een opmerking die Einstein gebezigd zou hebben tegen Marilyn Monroe.

Onderzoekingen

Al in de jaren negentig meldde hij dat hij regelmatig studies ‘ter instrument’ nam om dieper door te dringen in  een bepaald aspect van de Jazzmuziek. Toen noemde hij Lester Young als onderwerp. Andere zaken waren zoal zijn onderzoekingen naar de muziek van  Claude Debussy en de melodieën en thema’s uit en de polyfonie van de Middeleeuwen. Zijn samenwerking met Michael Moore in Zut Alors, in de jaren negentig zal ook een boost gegeven hebben aan die onderzoekingsdrang.

In zijn eigen Quartet met Jesse van Ruller, Frans van der Hoeven en Martijn Vink speelde hij niet alleen zijn eigen composities, maar onderzocht ook de mogelijkheden van elektronica voor zijn tenorsax. In die tijd had hij op zijn muziekstandaard een verzameling oude apparaatjes met knoppen en schuiven waarmee hij het geluid van zijn sax kon beïnvloeden. Niet altijd met evenveel succes en effect, maar toch. Het verbreedde zijn inzichten en mogelijkheden. De laatste jaren is hij ook bezig met muzikale technieken buiten de Jazz. Met de muziek van Debussy en de Middeleeuwse polyfonie. Het houdt niet op.

Zijn Leraarschap aan het Conservatorium houdt niet alleen in dat hij klassikaal les geeft, maar ook en vooral dat hij voor de studenten heel veel gelegenheid creëert om te kunnen spelen. tot en met groepen waarin studenten meespelen. Zo leer je het vak het best.

Kortom, Gezien zijn oeuvre, de vele activiteiten en de breedte van zijn muzikale activiteiten, is het terecht dat hij deze grote Prijs van de Nederlandse Jazz is toegekend.

Van harte gefeliciteerd!

Teus Nobel Liberty Group – Journey of Man

Dit is alweer de vierde cd van Teus Nobel. Ten opzichte van zijn vorige groepssamenstellingen is Jeroen Vierdag weer terug op bas en sinds de laatste cd zijn pianist Alexander van Popta en drummer Tuur Moens gebleven. Het lijkt er op dat hij nu zijn vaste kwartet heeft gevonden. Voor deze cd heeft hij de muziek van Woody Shaw als technisch en intellectueel uitgangspunt genomen. Hij heeft zijn Jazz Master studie aan diens muziek gewijd, dan mag je die kennis ook ten volle gebruiken.
Omdat hij de cd opdraagt aan zijn nog niet geboren zoon, heeft hij toch een beetje een (kleine) held als inspiratiepunt genomen. Dat wil hij ook met de titel van zijn cd zeggen: de reis door de tijd die ook hij zal gaan maken.

Met zijn trompetspel wil Nobel veel vertellen. Dat doet hij met progressie, zijn verhaal is logisch en voortvarend. Daarbij wordt hij geholpen door het trio achter hem. Die nemen een aanzienlijk deel van het geluidsspectrum in, maar ook zij weten waar ze naar toe gaan. Hun omtrekkende muzikale bewegingen lijken volstrekt logisch om het beoogde eindpunt te halen. Als bij een spirograafspel komen ze steeds weer bij het beginpunt uit en is hun verhaal afgerond.

Tuur Moens is een zeer actief slagwerker! In de eerste stukken ‘Chasing Reality’ en ‘Iseo’ lijkt het alsof hij de overhand heeft. De trompet komt er maar nauwelijks boven uit. Alle vier zijn ze daar actief. Fel, alert, knallend. Pas in de beschouwende ballad ‘My Favorite’ van Alexander van Popta komt er rust in de tent. Met ‘Plastic Battle’ Popta’s tweede bijdrage die er achteraan komt, hebben we een rustpunt in de cd.
In ‘Kelewele’ hebben ze een intrigerend motiefje bij de hand dat door de pianist als begeleiding wordt gebruikt. De drummer ondersteunt dat en daar overheen speelt de trompettist zijn ingenieuze spel met demper.
‘Actual Proof’ van Herbie Hancock, gearrangeerd door bassist Jeroen Vierdag, wordt als een ballad als in de Jaren Zestig gespeeld. Als een soort eerbewijs aan deze gigant. Nobel bespeelt hier zijn fluegelhorn.
‘Crush’ van Tuur Moens sluit de cd af. Daarin geeft de drummer zichzelf uitgebreid de kans om zijn techniek te laten horen.
Nobel heeft op deze cd zijn balans gevonden. Hij hoeft muzikaal al jaren voor niemand meer bang te zijn en dat klinkt nu ook heel integer door in zijn muziek. Die is volwassen en sterk gespeeld.

Teus Nobel – Trompet, Fluegelhorn
Alexander van Popta – piano
Jeroen Vierdag – contrabas, Elektrisch bas
Tuur Moens – drums, klokkenspel, effecten

Opgenomen: Wedgeview studios op 17-19 juli 2019
Gepresenteerd: 8 februari 2019
Verkrijgbaar bij: Platomania