JATP Live in Amsterdam 1960

Deze uitgave van het Nederlands Jazz Archief, is een deel van het concert dat binnen het kader van Jazz at the Philharmonic op 19 november 1960 plaatsvond in het Concertgebouw. Op de cd staan twee sessies: van het Dizzy Gillespie septet en van een Jam-gezelschap. Die laatste groep bestond uit vier gerenommeerde blazers en Jo Jones achter het drumstel. De pianist en bassist kwamen uit het septet van Dizzy. Die avond bestond het concert uit drie delen. Het eerste deel, met Cannonball Adderly in de hoofdrol, werd al in 2016 door het Nederlands Jazz Archief uitgebracht.

De oude rotten Roy Eldridge, Coleman Hawkins, Don Byas, Benny Carter en Jo Jones zorgen ervoor dat alles tijdens hun set op rolletjes loopt. Met Lalo Schifrin in de hoofdrol op de piano, zetten ze in met ‘Take the ‘A’ Train’. De vier solisten laten met veel succes horen dat ze uiterst bekend zijn met de ‘ins and outs’ van deze Strayhorn compositie.
Elke blazer krijgt in de ‘Ballad medley’ de gelegenheid om te schitteren. Hawkins in ‘These Foolish things’. Don Byas nam zijn favoriet ‘I Remember Clifford’ als uitgangspunt. Benny Carter gaf aan ‘Laura’ nieuwe kleding en Roy Eldridge legde met zijn wat scherpe trompetgeluid ‘The Man I Love’ nog eens nader uit.
In ‘Stoned’ (ook bekend als ‘Bedlam’) van Wardell Gray, gaat het van dik hout zaagt men planken, geheel in de JATP traditie. Stevig doorblazen, rauw tegen elkaar opboksen en een kwartier lang in uptempo doorjakkeren. Jo Jones laat hier horen hoe hij relaxed op een drumstel soleert.

Eigenlijk is de set van de Dizzy Gillespie groep ook een jamsessie, omdat Stan Getz en Trombonist J.J. Johnson aan Gillespie’s quintet waren toegevoegd.
Het septet speelt eerst ‘The Mooche’, maar niet in de fluwelen setting die Ellington er altijd aan gaf, Dizzy geeft er een eigenwijze eigen inleiding aan, waarna de bekende compositie toch start. De overgang naar de trompetsolist suggereert dat het nu los gaat! Dat valt wel mee, er wordt keurig door Gillespie, Getz en Johnson gesoleerd. Waarna Dizzy het nog eens dunnetjes overdoet.
Getz en Johnson soleren ook uitgebreid in het Afrikaans georiënteerde ‘Kush’. Dat heeft een verend motiefje van de bassist en uitspattingen van drummer Chuck Lampkin. Vooral Stan Getz doet het hier uitgebreid op zijn gemakkie aan.
Het concert werd afgerond met Wadleigh Hall, een snelle compositie van de trompettist. Dizzy kondigt als verrassing percussionist Candido aan en die vervult op de conga’s dan ook een glansrol. Stan Getz laat horen dat hij nog steeds heel snel en genuanceerd kan spelen op zijn tenor. J.J. Johnson soleerde op zijn trombone even snel en nam hier het honken op één noot voor zijn rekening.

Omdat Norman Granz voor deze concertreeks in Europa duidelijk voor een serieus concert had gekozen, in plaats voor opwinding en sensatie, is het een cd geworden die nu groot plezier geeft aan de nostalgisch ingestelde Jazzliefhebber. En 58 Jaar later kunnen de fans die toen in de zaal zaten, het nog eens opnieuw beleven

Concertgebouw, 19 november 1960
Jamsessie:
Roy Eldridge – trompet
Benny Carter – altsax
Coleman Hawkins, Don Byas – tenorsax
Lalo Schifrin – piano
Art Davis – contrabas
Jo Jones – drums

Dizzy Gillespie septet:
Dizzy Gillespie – trompet
J.J. Johnson – trombone
Leo Wright – Altsax, dwarsfluit
Stan Getz – tenorsax
Lalo Schifrin – piano
Art Davis – contrabas
Chuck Lampkin – drums