Rob Pronk – The Bebop Years – Studio sessions 1950-1957

Nederlands Jazz Arc hief 

Geschiedenis

Iedereen die een beetje op de hoogte is van de geschiedenis van de Nederlandse Jazz, weet dat in de Jaren vijftig van de vorige eeuw, de Nederlandse Jazz mondjesmaat op de plaat verscheen. De Legendarische Michiel de Ruiter heeft toen regelmatig gelobbyd bij Philips om dat voor elkaar te krijgen, maar met vage antwoorden als “Ja, Ja, nee, nee, komt nog wel eens.” Werd zijn streven voortdurend op de lange baan geschoven. Totdat hij van de musici hoorde dat de concurrerende platen maatschappij Bovema afspraken had gemaakt met de belangrijke Nederlandse Jazzgroepen voor plaatopnamen. Toen meldde hij aan Philips: “…dat het niet meer hoefde! Bovema deed het al.” Dat was tegen het zere been en in recordtijd maakte Philips opnamen en hun lp ‘Jazz Behind the Dikes’ lag ook nog een paar dagen eerder in de winkel dan ‘Jazz from Holland’ van Bovema. Michiel de Ruyter had zijn zin: De Nederlandse Jazz stond op de grammofoonplaat!

Alle lof daarvoor, maar één naam schitterde nagenoeg voortdurend door afwezigheid.  Die van Rob Pronk. En dat terwijl hij door de pers altijd als een van de belangrijkste Nederlandse Jazzmusici werd gezien. Hij was niet alleen pianist en trompettist, maar componeerde en arrangeerde ook! 

Op de uitgave van Bovema: vinden we twee opnamen van het Rob Pronk Trio. Terug te vinden op de al ruim 2 decennia niet meer verkrijgbare cd “Jazz from Holland” deel 6 in de serie “Terug naar toen” uit 1995. Pronk speelde ook mee op de twee opnamen van de Dutch All Stars, die toen ook werden opgenomen. Deze zijn alsnog in 2002 door het Nederlands Jazz Archief op cd gezet, op het nog verkrijgbare ‘Combo’s in Nederland, deel 2 (1950-’55)’. Op ‘Jazz Behind the Dikes III’ vinden we de naam Rob Pronk pas terug. Als groepslid van de Wessel Ilcken All Stars. Ze speelden onder andere ‘The Goofer’ van ene Robert Pronk.

Het Persoonlijk archief

Dankzij het feit dat het persoonlijk archief van Rob Pronk na zijn overlijden in 2012, bij het Nederlands Jazz Archief terecht is gekomen, vond de inventarisator daarin de opnamen die Rob Pronk in 1957 maakte voor de Wereldomroep. Voor ‘De Hollanders Overzee’. Die zijn nu compleet op cd gezet. Plus onder andere de opnamen van twee stukken op glasplaten uit 1950. Die kwamen ook uit Pronk’s archief. Daarop speelt het toenmalige Rob Pronk trio. Op een nummer zingt zijn zus Babes Pronk. 

Kortom deze cd is een behoorlijke aanvulling op de muzikale documentatie van Rob Pronk. Voor de volledigheid werden nog een paar nummers op de cd gezet, die in Stockholm werden opgenomen, omdat Rob Pronk daar achter de piano zat.

De Sessies

Er werden in 1957 drie sessies opgenomen met drie verschillende groepen, die ook heel verschillend klinken. Dat kwam deels doordat er een steeds kleinere groep achter de microfoons stond, maar ook omdat de muzikanten in de loop van die negen maanden steeds meer durfden en de lef kregen om zichzelf te zijn. 

Pronk speelt alleen trompet en Rob Madna is overal de pianist. Ook van hem is elke signaal de moeite waard. Niet alleen de gebroeders van Rooijen doen mee, naast Harry Verbeke en Toon van Vliet is het de moeite van het vermelden waard dat er een hele jonge Rudi Bink meeblaast.  Bovendien speelt er op elke sessie een andere bassist mee: Dick van der Capellen, Dick Bezemer of Ruud Jacobs! Vooral van de eerste is het bijzonder dat hij meespeelt. Van hem is uit deze tijd ook maar heel weinig muziek bekend.

Het lijkt wel of deze opnamen voor de Wereldomroep gemaakt zijn als aanvulling op de reeks die Philips maakte voor de ‘Jazz Behind the Dikes’ langspelers. Ze zijn er een noodzakelijke en prachtige aanvulling op. De sessies zijn niet chronologisch op de cd terecht gekomen. De laatste sessie komt eerst. Vervolgens de tweede sessie en uiteindelijk de eerste. 

Tijdens de eerste opnamesessiein januari, werden drie zelfgeschreven nummers opgenomen. Keurig op de 78-toeren lengte van 2 tot 3:30 minuten. Nog een beetje voorzichtig gespeeld, maar wel met drie trompetten en drie saxofoons. Rob Pronk, Jerry en Ack van Rooijen op trompet, Toon van Vliet en Rudi Brink speelden tenorsax en Harry Verbeke baritonsax. De ritmesectie bestond uit Rob Madna piano, Dick van der Capellen contrabas en Ruud Pronk drums. Stuk voor stuk legendarische namen uit de toenmalige moderne Nederlandse Jazz. 

Iedereen kreeg ruimte om te soleren. Want ja, dat is toch waarvoor je Jazz speelt: swingen en soleren. Het derde nummer was geschreven door Rob Pronk. Dat was tijdens deze sessie ook het enige nummer dat met meer lef in een lekker tempo werd gespeeld. 

De tweede sessie, September 1957, gaf een ander geluid: Toen klonken ze bijna Amerikaans vlot en lekker. Terwijl er “maar” twee trompetten en twee saxofonisten meespeelden. Rob Pronk zelf en Jerry van Rooijen op trompet. De tenorsaxofonisten waren Harry Verbeke en de toen nog maar 19 jaar oude Rudi Brink. Rob Madna zat achter de zwart-witte toetsen, Dick Bezemer was de zeer volwassen spelende bassist en Broer Ruud Pronk drumde. Hier speelden ze een stuk van Rob Pronk en een stuk of vijf standards uit het American Songbook. 

Het eigen nummer, ‘Four Roses’ werd zeg maar meer op een rustig zangtempo gespeeld en de standards wat sneller. Zelfs ‘Blue Monk’ werd iets sneller dan de originele opname van Monk gespeeld.  De klapper van deze sessie is ‘You Took Advantage of Me’. Hier klinkt de groep alsof het Amerikanen zijn die in Los Angeles werden opgenomen.

Bij de derde sessielijkt het wel alsof er niet meer zoveel geld was: Rob Pronk speelde trompet en altsaxofonist Herman Schoonderwalt stond naast hem. Hij zou 6 jaar later in 1963 de allereerste Wessel Ilcken prijs krijgen. Rob Madna was de pianist, Ruud Jacobs de negentienjarige bassist en Cees See de drummer. Een ander en veel belangrijker argument voor de juiste samenstelling van de groep hoor je in de muziek: die wordt veel volwassener en zelfverzekerder gespeeld. De muziek van deze sessie is ook veel persoonlijker van klank. Vandaar dat de cd ermee begint.

De Glasplaten

In 1950 heeft Pronk twee privé opnamen gemaakt op glasplaten. Daarop horen we Rob’s trio met Hans Tan contrabas en Jan Opgenhaeffen op drums. Op ‘I’ll remember April’ horen we de 19-jarige Babes Pronk zingen. Ook van haar zijn bijna geen opnamen bekend. Op de al eerdergenoemde ‘Royal Mixed’ cd zingt ze ‘Tea for Two’ bij het Flamingo Quintet in 1950.

De Zweedse opnamen

Deze zijn van augustus 1953. In die tijd speelden Rob Pronk en de gebroeders van Rooijen trompet in de Boyd Bachman-band. Deze toerde in Zweden en daar speelde ook de Stan Kentonband. Dus gingen de trompettisten natuurlijk luisteren. Voor plaatopnamen van enkele leden van de Kentonband zochten ze een pianist. Zodoende kwamen ze terecht bij Rob Pronk. Zo maakte hij in Stockholm zijn debuut op de plaat. Samen met de Kenton ritme tandem Don Bagley (bas) en Stan Levey (drums). Als blazers fungeerden op de eerste wee opnamen: Ake Persson, Frank Rosalino en Bob Burgess op trombone en op de andere twee Zoot Sims op tenorsax. Niet de minsten onder de Amerikaanse musici in die tijd. 

Bij de trombonisten speelt Pronk bij ‘Don’t Blame me’ een piano intro. Verder moet je diep in het geluid graven om de piano eruit te vissen. Achter Zoot Sims is de piano duidelijker te volgen. Ook bij ‘Rough chance on Love’ speelt de pianist ook een intro en is achter de tenorist goed te volgen.

Resumerend mag je wel stellen dat het Nederlands Jazz Archief met deze uit de archieven opgedoken opnamen opnieuw haar naam en bestaansrecht meer dan waar maakt. Zo wordt opnieuw voor iedereen een kostbaar stukje Nederlandse jazzgeschiedenis in het algemeen en van Rob Pronk in het bijzonder, toegankelijk gemaakt. 

Naschrift.

Rob Pronk verdween naar Duitsland, waar hij in het Kurt Edelhagen trompet speelde en al gauw ook ging schrijven en arrangeren. Dat werd dermate goed betaald, dat hij op latere leeftijd halfjaarlijks pendelde tussen Duitsland en Florida. 

Zijn Arrangementen en composities zijn met enige moeite nog wel te vinden. In dat verband mag wel worden genoemd dat het Metropole Orkest ruimschoots gebruik heeft gemaakt van zijn arrangementen en composities. Hij schreef er honderden.  Ook dirigeerde hij dit orkest op ettelijke cd’s.

In 1994 is op het obscure label ‘A la Bianca’ nog een cd verschenen ‘It Happened Yesterday’ met opnamen uit 1968 van het Rob Pronk Jazz-Orchestra, geproduceerd door Joop de Roo.  Deze cd kan worden gezien als deel een van een trilogie van drie Big Bandopnamen rond arrangementen van Rob Pronk en Jerry van Rooijen: deel 2: de Festival Big Band – ‘Explosive!’ Uit 1971, onder leiding van Jerry van Rooyen. Als derde cd geldt de opname uit 1973: ‘The Jerry van Rooijen Orchestra’ uit de reeks ‘Dutch Jazz Giants’. De box die door Point Entertainment op de markt kwam, nadat Mercury de box ‘Dutch Jazz Masters’ met 70 jaar Nederlandse Jazzgeschiedenis had uitgebracht. Met deze -toen nog LP – ’The Jerry van Rooijen Orchestra’ werd de trompettist Rick Kiefer gepresenteerd. Maar vooral geldt dat opnieuw Rob Pronk en Jerry van Rooijen de arrangeurs van de stukken waren. Dat maakte deze drie LP’s tot een drie-eenheid. 

Greetje Kauffeld’s ‘And Let the Music Play’ uit 1974 ook met arrangementen van Jerry van Rooyen en Rob Pronk maakt van de drie uitgaven een kwartet. ‘Explosive’ en ‘And Let the Music Play’ zijn nog te verkrijgen op het Berlijnse Sonorama Label. Joop de Roo, de producer van al dit moois, heeft die opnamen daar onder kunnen brengen, zodat ze opnieuw verkrijgbaar werden en nog zijn. 

  • Rob Pronk – The Bebop Years – Studio sessions 1950-1957 uitgebracht door het Nederlands Jazz Archief
  • Musici: 
  • – In 1957:
  • Rob Pronk, Jerry van Rooijen, Ack van Rooijen – trompet
  • Herman Schoonderwalt – altsax
  • Toon van Vliet, Ruud Brink – tenorsax
  • Harry Verbeke – tenorsax, bariton sax
  • Rob Madna – piano
  • Ruud Jacobs, Dick Bezemer, Dick van der Capellen – contrabas
  • Cees See, Ruud Pronk – drums
  • – In 1950:
  • Babes Pronk – zang
  • Rob Pronk – piano
  • Hans Tan – contrabas
  • Jan Opgenheaffen – drums
  • – In 1953:
  • Ake Persson, Frank Rosalino, Bob Burgess – trombone
  • Zoot Sims – tenorsax
  • Don Bagley – contrabas
  • Stan Levey – drums

Orkest Ruud Bos – The Secret all Star Band – Studio Sessions 1964-1969

Met de bekende jazzmusici uit de Jaren Zestig heeft Arrangeur en componist Ruud Bos ook een perfect spelende radio Big band gehad. Het Nederlands Jazz Archief heeft in haar serie Treasures of Dutch Jazz een mooie doorsnede van de muziek van dit orkest op cd gezet.

Dat we in de jaren zestig van de vorige eeuw Boy’s Big band en het Hobby Orkest hadden, mag als algemeen bekend verondersteld worden.  Van Boy’s Big Band hebben we enkele cd’s overgeleverd gekregen. Van het Hobby Orkest hebben we via de NJA cd van Hank Mobley, ‘Too one so Sweet, Stay that way’ (NJA 1604) we sinds 2016 ook enkele opnamen ter beschikking gekregen. Echter, nu heeft het Nationaal Jazz Archief een verrassing op de markt gezet: Er is nog een groot orkest geweest dat putte uit het zelfde “vijver” als die twee andere orkesten!

Arrangeur en componist Ruud Bos heeft niet alleen veel filmmuziek geschreven voor Nederlandse films, getuige de dubbel-cd “Naked Plus” met originele soundtracks uit 1967-1973, maar dus ook muziek voor de VPRO-radio!

De opnamen zijn voor een deel bedoeld als pauze muziek en achtergrond. Vooral de legendarische Han Reiziger heeft hier destijds veel gebruik van gemaakt. Ook zijn er filmopnamen voor de Televisie van programma’s van regisseur Bob Rooijens. Ruud Bos leverde dus muziek voor radio en televisie.

Uit de personeelslijst kun je opmaken dat Bos de beste Nederlandse (Jazz-)musici van die tijd in zijn orkest had.

De cd begint met vier stukken van Bos zelf, dan vijf standards die elk door een ander was gearrangeerd (twee door Bos zelf, verder Mengelberg, Schoonderwalt en Frans Elsen), dan zes stukken van Ruud Bos en tenslotte als bonustracks twee live stukken met Misha Mengelberg als gastsolist aan de piano. Die twee stukken staan ook al als studio-opname op de cd.

In het openingsnummer krijgen alle solisten ruimte om zich te presenteren. Het tweede stuk is een feature voor Harry Verbeke, omdat hij in 1969 de Wessel Ilcken prijs had gewonnen en Ruud Bos toen speciaal voor hem dit stuk schreef. Echt om hem in volle glorie te laten schitteren. ‘Lutuli’ is een stuk van Ruud Bos, dat de Diamond Five ook heeft opgenomen op hun LP ‘Brilliant’. Als je die LP/cd hebt, kun je dus vergelijken. Ook al soleren Ruud Brink en Ado Broodboom op deze versie. Beide zaten niet in de Diamond Five. John Engels soleert ook. Hij kende het stuk al heel goed.

De stersolist van deze reeks opnamen is Herman Schoonderwalt die op sopraansax, altsax, baritonsax en klarinet soleert. Goede tweede is Piet Noordijk op sopraan en zijn vertrouwde alt.

Harry Verbeke en Rudi Brink hoor je beide regelmatig op tenorsax, Ado Broodboom en Cees Smal soleren op trompet en Cees Smal ook wel op ventieltrombone. Ruud Bos neemt zelf verschillende keren de piano solo voor zijn rekening. Frans Elsen komt als pianist ook nog wel eens solerend langs. Het geheel vormt een staalkaart van de toenmalige grote solisten.

Het geluid van de stukken is preciezer dan dat van Boy’s Big Band. Je kunt het beter vergelijken met het Hobby  Orkest, dat indertijd ook in deze vijver van muzikanten viste. Dat precieze spelen was voor deze Secret All Star Band noodzakelijk, omdat het als achtergrondmuziek niet te heftig mocht klinken voor radio en tv. En waarschijnlijk was Ruud Bos ook een gedisciplineerder musicus dan Boy was.

 

Orkest Ruud Bos – The Secret Allstar Band  – Studio Sessions 19674-1969
NJA 1901 in de serie Treasures of Dutch Jazz

Meeste composities, arrangementen en directie: Ruud Bos

Wim Kuylenburg en Ado Broodboom – trompet
Cees Smal – trompet, flugelhorn en ventieltrombone
Eddie Engels trompet en flugelhorn
Rudy Bosch en Marcel Thielemans – trombone
Piet Noordijk – Sopraan- en Altsax
Herman Schoonderwalt – Klarinet, Alt-, Sopraan- en baritonsax
Harry Verbeke, Ruud Brink – tenorsax
Toon van Vliet – tenor- en baritonsax
Wim Abma en Henny Kluvers – dwarsfluit
Karel Roberti – hoorn
Frans elsen, Cees Slinger en Misch Mengelberg – piano
Ruud Bos – piano en vibrafoon
Joop Scholten, Rob Langereis – contrabas
John  Engels en Cees See – drums

Rita Hovink zingt Jazz!

Rita Hovink – Love me or Leave me

678 Records

Oorspronkelijke hoes uit 1969

Deze zangeres is indertijd vooral bekend geworden als lid van de winnende Knokke ploeg uit 1964,  de prijzen wegkaapte. In de jaren Zeventig werd ze vooral bekend als zangeres van het Nederlandse lied. Niet altijd voor iedereen oor strelend, maar toch werden haar hits niet zelden ‘oorwurmen’ die in je hoofd bleven hangen. Jammer genoeg stierf ze veertig jaar geleden op 35-jarige leeftijd aan kanker.

In 1969 (vijftig jaar geleden!) kreeg Rita Hovink de gelegenheid om een eigen langspeelplaat op te nemen. Dat deed ze met Jazznummers. Die had ze al in het begin van haar carrière leren zingen. Toen trad ze veel op voor Militairen in  Duitsland en de daar gelegerde Amerikanen hoorden graag muziek waar ze aan waren gewend. Die plaat moest dus Swingen! De nationale platenmaatschappijen waren in die tijd niet echt scheutig met het uitbrengen van Jazzplaten. Veel muzikanten brachten hun platen toen al in eigen beheer uit, maar Decca stapte er met Rita in. Dat werd geen succes, er wordt gefluisterd dat er geen LP’s van werd verkocht. In ‘Jazz en Geïmproviseerde muziek’ uit 1978 onder eindredactie van Wim van Eyle, staat helemaal niets over Rita gemeld. Jan Mulder en Herman Oppeneer c.s. hebben beter hun best gedaan. In ‘The Dutch Jazz & Blues Discography 1916-1980’ óók onder eindredactie van Wim van Eyle, staan wel twee Jazz-elpees van Rita Hovink vermeld. Deze ‘Love me or Leave me’ op Decca en ‘From Rita with Love’ op Polydor uit 1973. Zelf was ik indertijd ook niet bekend met haar Jazz zang.

Frank Jochemsen is de afgelopen paar jaar voor zijn label 678records bezig geweest om de teruggevonden Mastertape van deze Jazz-elpee van Rita Hovink opnieuw uit te brengen. 31 mei werd deze LP opnieuw wordt gepresenteerd.

De songs.
Hoewel Rita zelf niet echt hoog opgaf over haar Jazz-capaciteiten, blijkt uit deze LP wel dat ze swingend kon zingen en ze wist hoe ze een song naar haar toe kon trekken. Elke standard die er op staat is gewoon anders dan je gewend bent. En blijkt de zeggingskracht te hebben die je van hele grote zangeressen bent gewend bent! Of ze nou een toenmalige pophit als Dusty Springfields ‘Don’t sleep in the subway’ zingt of  ‘The Fool on the Hill’ van Lennon-McCartney, of een Jazz original als ‘Softly as in the Morning Sunrise’ of ‘Love me or Leave me’, ze maakte er haar song van. Haar interpretatie is nieuw, origineel. Hoogtepunt van de lp is wat mij betreft  ‘After you’ve Gone’.  Deze song wordt meestal in mid-tempo gezongen, of zelfs als een opgewekt liedje. Rita Hovink zingt het als een ballad en weet daarmee de aandacht vast te houden! Ze zing/zegt zelfs de zelden gehoorde aan het liedje voorafgaande verse en brengt het dan als een hele trage song. Harry Verbeke speelt op zijn tenorsax prachtige obligato’s onder haar zang. Vervolgens soleert hij even indrukwekkend als Rita zingt.

In haar Nederlandse repertoire staat een liedje, ‘Milou’. Dat zingt ze voor haar dochtertje. Daarin bezingt ze met veel gevoel haar spijt voor het feit dat ze zich onvoldoende aan haar opvoeding heeft gekweten.
Op haar Jazz-lp zingt ze het slaapliedje ‘Little man you’ve had a busy day’. Dat doet ze met evenveel invoelingsvermogen als ze voor haar dochter zong. Met naast Rob van Dijk op piano, de altijd te weinig gewaardeerde vibrafonist Carl Schulze, die haar parelend begeleid. Hij soleert intensief en even liefdevol als Rita het slaapliedje voor de kleine man zingt. Schulzes werk hoorde je trouwens ook al feestelijk en vol swingend in de openingssong van de langspeler, ‘Softly as in the morning sunrise’.

Ook bij Rita’s interpretatie van ‘Fool on the Hill’ is het waard om even bij stil te staan. Ze zingt het niet zo verwaaid als The Beatles dat deden, maar meer bluesy, met een daverende tegenslag van Wim Overgaauw en lang aangehouden akkoorden op het orgel. De krachtige zang geeft het geheel een innerlijke drive die staat als een huis. Thijs van Leer blaast op deze versie de dwarsfluit. Een overdonderende versie van deze song. Hier werd echt een prestatie geleverd door in een Beatlesong op je benen te blijven staan en er ook nog een eigen versie van te maken. Dat is weinigen gegeven. – Ik denk daarbij aan grootheden uit de Jaren Zestig als Joe Cocker en Dillard & Clark.

Voor- en achterkant van de EP – hoes , waar op Casey & the Pressuregroup haar begeleidt

Bonus tracks
Op de bij de LP geleverde cd staan nog een aantal extra nummers die ze in 1972 opnam met Cees Schrama’s ‘Casey and the Pressure group’ voor een EP, een uitgebreide single. Dan heeft ze maar even vier van de beste blazers uit die tijd achter haar! Daar staat nog een versie van ‘Fool on the Hill’ Meer Jazzy en mooier uitgevoerd. Samen hebben ze er een uitstekende jazzstandard van gemaakt. Laat dat maar aan Cees Schrama over. Maar geef mij die wat ongepolijste versie uit 1969.

Ze zingt ook dan nog enkele toen actuele hits. Van Carol King ‘I Feel the Earth move’. Rita Hovink zingt het minder subtiel en meer als een blues.  Het is een Jazzsong geworden, die zo maar een hit had kunnen zijn. Daarnaast komt het toen net een paar jaar bekend geworden ‘Mr. Bojangles’ van Jerry Jeff Walker langs. Samen met de Pressure group maakt ze ook hier een ijzersterke song van.

Toegift
Tussen deze twee sessies in staat nog een apart nummer: Rita Hovink zingt ‘Johnny Guitar’ van Peggy Lee, slechts begeleid door een welig spelende gitarist Wim Overgaauw. Samen maken ze er een groots en dramatisch bouwwerk van.

Rita Hovink – Love me or Leave me
Heruitgave: 678records

Op de LP:
Rita Hovink zang
Rob van Dijk – Piano Orgel
Jelle Kikkert – Bas
Erik Gräber – Drums
Wim Overgaauw – Gitaar
Carl Schulze – Vibraharp
Harry Verbeke – Tenorsax
thijs van Leer – Fluit

Op de bonus van de cd.
Casey & the Pressure group:
Cees Schrama – Piano, Hammond Orgel, Fender piano
Leo van Oostrom – Baritonsax, Altsax, Tenorsax
Ferdinand Povel – Fluit, tenorsax
Fons Dierx – Trompet
Cees Smal – Trompet, Trombone
Piet Hein Veening – Basgitaar
Louis Debij – Drums

 

Nota Bene.
Jazzplaatuitgaven in 1969:

Ter illustratie van het bijzondere van deze LP van Rita Hovink, het volgende. De Nederlandse Jazz was toen in twee kampen verdeeld: de progressieven en de musici die bij de Radio de diverse orkesten bevolkten. Pim Jacobs en Rita Reys hoorden (voor de progressieven) als boegbeelden bij de conservatieve c.q. behoudende musici. De heren jazzmusici hadden onderling niet zoveel op met die tweedeling, de meesten communiceerden gewoon met elkaar, maar het was in de kranten en tijdschriften wel een dingetje. Het was wel zo dat de uitgave van de Oude Stijl elpees glorieus afstaken ten opzichte van de uitgave van de progressieve Jazzplaten. Dat waren slechts enkele LP’s die werden opgenomen als bonus bij het ontvangen van de toenmalige Wessel Ilcken Prijs, de illustere voorganger van de Boy Edgar Prijs. Herman Schoonderwalt en Harry Verbeke waren de gelukkigen. Misja Mengelberg speelde een Lp vol bij Artone, Theo Loevendie had Stairs  en Dick van de Capellen (geen prijswinnaar, maar wel een legendarische bassist!) nam zijn Lp op bij Relax.

Gedurende de Jaren zestig werd mondjesmaat een jazz-lp uitgegeven. Als er 15 tot 20 langspelers op de markt kwamen, was dat veel en twee van de drie waren minimaal oude stijl. Pas in 1969 werd eindelijk één progressieve jazz-plaat meer uitgebracht, dan oude stijl en commerciële platen. Dan heb ik het over de 31 langspelers die dat jaar werden uitgebracht volgens het standaardwerk ‘Jazz & geïmproviseerde muziek in Nederland’ uit 1978. Twee meer, want deze LP van Rita Hovink stond er niet bij! In 1970 is de ban verbroken en ‘winnen’ de progressieven: 18 modernen tegen twaalf oude stijl!

 

 

Twee jaarlijstjes over 2018

Aan het eind van het jaar is het de gewoonte om platen op een rijtje te zetten, van de top 2000  en 5000 tot en met een Friese Top 100.
Mijn reeks favorieten van dit jaar is in tweeën gedeeld: allereerst een vijftal historische opnamen van Amerikaanse Jazzmusici. Daarna een actuele top 10, inclusief een historische uitgave..
Verder uiteraard voor u, de lezer, de beste wensen voor 2019. Dat het maar een swingend en gezond jaar mag worden.

1. Bill Evans – Another Time (Live in Hilversum)
Weliswaar al in de zomer van 2017 uitgebracht, maar de cd kreeg ik ‘pas’ in januari 2018 te pakken. De muziek is vloeiend. Bill Evans, Eddie Gomez en Jack DeJohnette spelen organisch, alsof de muziek uit één gedachte ontstaat.Dit is tot nog toe de derde opname van dit legendarische trio.

2. John Coltrane – Both Directions
Elke muziek vondst van Coltrane is een aanwinst, ook al is er al zoveel te krijgen. De intensiteit van de muziek op deze (dubbel-)LP of -cd is groot, ondanks dat Coltrane de muziek waarschijnlijk  routineus doorspeelde. Ook dan straalt die intensiteit er van af. Elke keer weer horen, maakt deze muziek opnieuw waardevoller.

3. Miles Davis & John Coltrane – the Final tour
Eindelijk de officiële uitgave van een aantal illegale bootlegs van deze legendarische Europese Tournee in 1960 die heel veel getapet was. Nu dan technisch perfect opgenomen spannende muziek op een tweesprong, zowel bij Miles als bij Coltrane.

4. Dexter Gordon – In the Cave
De opname die in beperkte kring (rond Rein de Graaff) legendarisch is. Een uiterst gedreven en toch relaxte Dexter Gordon en een uitstekend spelend Nederlands Trio, bestaande uit Rob Madna Piano, Ruud Jacobs contrabas en Cees See drus.

5. Dizzy Gillespie – Live at the Singer Concerthall 1973
Uit de serie ‘The Lost Recordings’ van Fondamenta/Devialet. Het Franse Label dat regelmatig opnamen uit het archief van Beeld en Geluid op de markt brengt. Dit is de trompettist die al zijn muziek als het ware uit zijn mouw schudt en het zelf niet kan laten om er lekker op te swingen.

Dan nu de reeks die het afgelopen jaar de meeste indruk op mij heeft gemaakt. Op numero uno na is het een Nederlandse reeks. Natuurlijk zijn er veel meer uitgaven die in dit lijstje opgenomen zouden hebben kunnen worden, maar ik kan alleen kiezen uit wat ik binnen heb gekregen. 

1. Kurt Elling – The Question
De Amerikaanse zanger die het zingen en interpreteren heeft uitgebreid door het ongegeneerd inbrengen van  kruisen en mollen en de muziek toch kloppend houdt. Daarmee heeft hij zijn zang en ook weer deze cd, spannend gemaakt tot op het bot.

2. Jazz Orchestra of the Concertgebouw – CrossRoads
Het oorspronkelijke hobby-orkest dat met een pauze in de jaren negentig al zo’n 30 jaar bestaat. Eerst als ‘The Netherlands Concert Jazzband’, vervolgens als ‘New Concert Big Band’ en sinds een jaar of twintig als ‘Jazz Orchestra of the Concertgebouw’ kortweg het JOC. Onder leiding van Dennis Mackrel en Rob Horsten hebben ze dit najaar een fantastische dubbel-LP cq cd, uitgebracht met –voor het JOC heel traditioneel- composities uit eigen boezem. Het resultaat is een veelzijdig document geworden met stukken van vijf leden en de staf arrangeur van het orkest: Rob Horsting.  De stukken variëren van toegankelijk, via uitbundig Big Band werk tot heel moderne muziek. Een koninklijk resultaat.

3. Vincent Houdijk – Live at the NSJF 2018
Op het scheiden van het jaar en nog net op tijd uit, heeft vibrafonist Vincent Houdijk’s concert op het North Sea Jazz Festival 2018 op cd uitgebracht. De muziek is een wonder van schoonheid en evenwicht.

4. Coal Harbour – Jolt
De grote verrassing dit voorjaar was deze groep: een regulier Nederlands sextet met strijkkwartet. Voor veel jazzmusici is het een onbereikbare droom om met strijkers te spelen. Deze ploeg begint er maar mee. Bovendien produceren ze een ideale mix van Jazz en Klassiek. Hun muziek is zonder meer compleet. Zonder dat het Jazzliefhebbers echt opvalt dat er klassieke bronnen zijn aangeboord en Klassiek georiënteerde luisteraars zullen niet gauw ontdekken dat er (ook) jazz wordt gespeeld. Een pracht debuut.

5. Reinier Baas & Ben Van Gelder met het Metropole Orkest – Smash Hits
Reinier Baas en Ben van Gelder zijn twee jonge musici die veel samenspelen. De een bulkt van de mogelijkheden, de ander komt wat voorzichtiger en serieuzer over, maar heeft net zoveel muzikale rijkdom in zijn hoofd en vingers. Hier zijn ze met het Metropole orkest aan de gang. Wat een organisatie om dat complete orkest muzikaal naar je hand te zetten en er zelf boven uit te vleugelen! Onwaarschijnlijk.

6. Millennium Orchestra – Octopus
Een geweldige prestatie van Joan Reinders, de dirigent, componist en arrangeur, die bijna als de Duke zijn orkest gebruikt om zijn eigen composities uit  te kunnen voeren en in volle glorie te horen. De reeks stukken op deze cd vormen een mooie eenheid die  zeer de moeite van het beluisteren waard is

7. StarkLinneman – Pictures of an Exhibition
Ook een cd die nog maar niet zo lang uit is. Paul Stark’s heeft de negentiende eeuwse suite van de compositie van Moussorsky de Jazz in getrokken. En hoe! Heel geslaagd.

8. Treats – Wasting time
Ook een verrassing die dit voorjaar tevoorschijn kwam. Met zijn vieren en piano bas drums achter zich met een enkele saxpartij, buitelen de leden van dit zangkwartet over elkaar. Met een enthousiasme die deze muziek nog levendiger maakt dan ze normaliter al is.

9. Greetje Kauffeld – the song is You
Nog zo’n feestje op de plaat dat januari dit jaar uitkwam. De rijkdom van de stem van Greetje Kauffeld is ondanks 60 jaar zingen nog altijd ongebroken, weelderig en rijp. Allemaal Ballads die door Dig D’iz worden begeleid in voorbeeldig mooie arrangementen

10. Harry Verbeke – Broedermelk
Een prachtig vormgegeven heruitgave van de lp uit 1972. Maar dan met het complete  concert in plaats van de selectie op de oorspronkelijke LP. Dat hele concert was nog in volle glorie bij de opnametechnicus aanwezig. Hier hoor je de bevestiging dat Harry Verbeke live altijd veel meer soul in zijn spel legde, dan in de opname studio. Een 2-lp/2-cd die zonder meer als een pronkstukje had gepast in de serie Schatten van de Nederlandse Jazz van het Nederlands Jazz Archief.