Art Blakey and the Jazz Messengers in Scheveningen

Art Blakey And the Jazz messengers Live in Scheveningen – fondamenta | Devialet

Art Blakey – drums
Lee Morgan – trompet
Benny Golson – tenor saxofoon
Bobby Timmons – piano
Jymie Merritt – contrabas

Dit is Hardbop op zijn best. Art Blakey is er zo ongeveer de uitvinder van. Zijn discografie is onmetelijk groot. Zeker eind jaren vijftig zijn er vele opnamen, officieel en illegaal uitgebracht. De muziek op deze nieuwste cd  met het live concert in Scheveningen is opgedoken in de VARA archieven bij Beeld en Geluid. Het bijzondere van deze uitgave is dat de praatjes van Blakey tussen de stukken door als aparte nummers zijn opgenomen. Dat verhoogt de sfeer even, maar op de cd zakt de spanningsboog van het concert wel in. Zijn aankondigingen met het herhaaldelijk melden dat zijn platen op Blue Note uitkomen zijn bedoeld als running gag, maar gaan gauw vervelen. Wie de gesproken teksten er uit wil halen, houdt ruim 72 van de  van de 80 minuten concert over.
De iconische groep
Deze ‘jaargang’ van de Messengers is iconisch, dank zij de composities van Benny Golson uit deze tijd. ‘Along Came Betty’, ‘Whisper Not’ en ‘I Remember Clifford’, zijn stukken die nog steeds overal op het repertoire staan.

Tijdens dit concert in de Haagse badplaats werd gewoon goed gespeeld. ‘Moanin’. ‘Along Came Betty’, ‘Evidence’, oftewel ‘Justice’ bij de band van Blakey, ‘I Remember Clifford’ ‘ Just by myself’ en ‘Whisper not’ stonden op het programma. Evenals de klassiekers ‘Now’s the Time’ van Charlie Parker en ‘Night in Tunesia’ van Dizzy Gillespie.

Lee Morgan is in vorm. Zijn solo Feature is ‘I Remember Clifford’, als herinnering aan zijn grote voorganger Clifford Brown.  In Morgan’s solo in ‘Just by myself’ zit een klein rafeltje in de opname techniek. Benny Golson gorgelt heerlijk in zijn eigen ‘Whisper not’. Boby Timmons soleert in ‘Moanin’ en Blakey zelf raast door ‘Night in Tunesia’. Bassist Jymie Merrit, door Blakey voorgesteld als ‘The Workhorse of our new Organisation’, wijst de band, ‘solid as a rock’ de weg door de stukken.
Uniek?
Voor de bezitters van de lp/cd ‘Moanin’ is het wel degelijk de moeite waard om van deze nieuwe cd werk te maken. Op ‘Scheveningen’ staan slechts twee stukken die ook op ‘Moanin’ staan. Wie de Parijse Live-cd heeft, krijgt met deze nieuw uitgekomen dubbelaar drie nieuwe stukken.

 

Opgenomen 29 november 1958 in Scheveningen
uitgebracht: Fondamenta | Devialet
verkrijgbaar a €22,95 bij: Challenge-New Arts

 

John Coltrane – 5 original Albums

Dakar

Cecil Payne, Pepper Adams – baritonsax
Mal Waldron – piano
Doug Watkins – bas
Art Taylor – drums

Lush Life

Donald Byrd – trompet
Earl May, Red Garland – bas
Art Taylor, Louis Hayes, Al Heath – drums

Soultrane

Red Garland – piano
Paul Chambers – bas
Art Taylor – drums

Bahia

Wilbur Hardin – trompet
Red Garland – piano
Paul Chambers – bas
Art TaylorJimmy Cobb – drums

The Last Trane

Donald Byrd – Trompet
Red Garland – piano
Paul Chambers, Earl May – bas
Louis Hayes, Art Taylor – drums

John Coltrane werd 23 september 1926 geboren en op 17 juli 1967 overleed hij. Ruim veertig jaar oud. Eigenlijk is hij netto slechts een periode van twaalf jaar daadwerkelijk ontwikkelend in de Jazz bezig geweest.

Universal heeft in 2016 een set van vijf albums van John Coltrane uitgebracht uit de Prestige tijd onder de naam ‘5 original Albums’. De opnamen stammen uit de periode maart 1957 – december 1958. Uit de recordings die Coltrane in die tijd maakte voor Prestige zijn nog 13 albums met muziek van  hem samengesteld. In deze periode bij Prestige werden nog veel meer platen opgenomen waar Coltrane als sideman aan deelnam. Een drukke tijd dus voor de tenorist.

De opnamen voor deze vijf cd’s bij Prestige speelden zich voor een deel af rond de tijd dat Coltrane eind april 1957 uit het kwintet van Miles was gezet omdat hij van de Heroïne af moest: zijn onaangepaste gedrag was niet meer om te harden. Aangezien hij toch al bezig was met afkicken, was dit ontslag de laatste stimulans om–cold turkey- met deze drug te stoppen. Vanaf dat moment won hij dat gevecht tegen de verslaving. Zijn hele constitutie werd steeds beter. Niet in de laatste plaats zijn muziek. Deze vijf LP’s zijn in die overgangstijd opgenomen.
Red Garland (piano), Paul Chambers (bas) en Art Taylor (drums) speelden op bijna alle opnamen in de ritmesectie. Op de oudste opnamen, van Dakar, spelen Mal Waldron, Doug Watkins en Art Taylor achter de saxofonist.
De Dakar opnamen blijken nog van voor eind april 1957 te zijn en komen verhalend over: veelal melodieus en met veel gevoel voor de Blues. Hier doen ook de baritonsaxofonisten Pepper Adams en Cecil Payne aan mee. Deze beide knorrepotten kleuren de muziek van Coltrane mooi in.

Op de andere LP’s  hoor je dat hij steeds gedurfder speelt. Hier hoor je de ‘Sheets of Sounds’ terug. Coltrane legde dat uit met de opmerking dat hij elk akkoord in zijn geheel wilde spelen. Daarvoor moest hij dan soms 5 of 7 noten spelen waar 2 of 4 noten normaal is. Daardoor lijkt het alsof hij zich letterlijk door de noten rolt, om er maar zoveel mogelijk mee te nemen. Als je dat weet, herken je dat bijvoorbeeld in ‘Slo Blues’ op Lush Life.

De hoezen van Lush Life en Soultrane brachten me terug in de tijd: die staarden me altijd aan in winkels en (jazz-)tijdschriften in de jaren zestig. Nu heb ik ze dan toch keer. En ik mag wel zeggen: Lush Life had wel eerder in huis mogen komen. De muziek op deze cd houdt het midden tussen prachtige ballads met als slot een mid-tempo ‘I Hear a Rhapsody’ In de Billy Strayhorn compositie ‘Lush Life’ wordt Coltrane door Paul Chambers met gestreken bas en door Red Garland op de piano breed begeleid. Als Coltrane na het bewandelen van de compositie zijn visie op het werk van Strayhorn laat horen, komt Louis Hayes op drums erbij. Voor Red Garland moet het een feest geweest zijn om zijn visie op ‘Lush Life’ te laten horen. Uiteindelijk mag ook Donald Byrd soleren. Met krap veertien minuten is dit het leeuwendeel van kant twee en niet voor niets het titelnummer. Op kant een heeft Coltrane ‘slechts’ bas en drums tot zijn beschikking. Daardoor kan hij volop schitteren boven de stadig geplukte bas van Earl May en het stimulerende drumwerk van Art Taylor.

Soultrane  blijkt ook een heel toegankelijke plaat te zijn, waarvan het slotnummer als een fury wordt gespeeld. Terwijl dat –‘Russian Lullaby’- geschreven is als een slaapliedje. ‘Good Bait’ van Tadd Dameron, het openingsnummer, wordt net zoals ‘Theme for Ernie’ in een rustig tempo gespeeld.
In Bahia hoor je ook dat hij zich meer toelegt op het spelen van de complete akkoorden, de zogenaamde Sheets of Sound.  In ‘Goldsboro Express’ deed hij dat net zo snel als die Express reed.
De Lp’s zijn destijds in de loop van de tijd uitgebracht, Daarbij hebben ze de chronologie niet echt in het oog gehouden.  ‘The Last Trane’ kwam als ‘nakomertje’ achteraan, in plaats als derde, chronologisch de juiste plek. De titel ‘The Last Trane’ is suggestief: Het is niet zozeer zijn laatste opname ooit, maar het is de plaat die Prestige in 1966 uitbracht met de laatste van de Coltrane-opnamen die ze nog in hun kluizen hadden liggen.

Opgenomen in: Hackensack, New Jersey bij Rudy van Gelder
TitelOpnamenUitgebracht in
Dakar 12 maart 1957, 20 april 19571963
Lush Life31 mei 1957, 10 januari 19581961
The Last Trane16 augustus 1957, 26 maart 19581966
Soultrane7 februari 19581958
Bahia 11 juli 1958, 26 december 19581965
Label:Prestige, Universal Music

Prijs van de box: vanaf €17,-

Terzijde 1
In de periode dat deze LP’s werden opgenomen, kreeg Coltrane ook beter contact met Thelonious Monk. In het voorjaar van 1957 nam hij in eerste instantie de tijd om de stukken van Monk, bij de pianist thuis, in te studeren. Puur uit nieuwsgierigheid. Toen hij in Augustus 1957 de kans kreeg om in het kwartet van Monk mee te spelen, was dat helemaal een kolfje naar zijn hand. Daarvan hebben we de cd ‘Live at the Five Spot’ aan overgehouden. Een opname die Naima Coltrane met slechts een microfoon van dit kwartet maakte. Mooier van klank en productie is de in 2007 teruggevonden band van een Live opname voor een charitatief concert in de Carnegie Hall op 29 november 1957. Coltrane en Monk laten dan een staaltje wonderschone muziek horen.

Terzijde 2
Nog een bijzonderheid is dat in deze tijdsspanne ook de lp Blue Train bij Blue Note werd opgenomen. Coltrane had een mondelinge afspraak met Blue Note lopen dat hij nog eens een LP bij hen zou  opnemen. Dat werd dus Blue Train. Dit is een van de beroemdste platen van Coltrane geworden. Met complexere muziek dan op de Prestige platen staat. Dat komt waarschijnlijk omdat er bij Blue Note altijd tijd om te oefenen werd gegeven. Daardoor konden arrangementen worden uitgewerkt en ingeoefend. Dat geeft ook het verschil aan met de Prestige opname filosofie: niet te veeleisend zijn en als de muzikant het oké vond, werd er niet meer opnieuw gespeeld.

Terzijde 3
In 1960 pas kregen we hier in Europa plotseling te horen waarmee Coltrane toen mee bezig was. Toen kwam hij met het Miles Davis Quintet mee naar Europa en deed tijdens de concerten zijn eigen ding. Die onderzoekingen in wat allemaal kon, kwamen schockerend over. En werden veelal niet door iedereen op juiste waarde geschat. In diezelfde tijd zat de Jazz in zijn geheel in een overgangsfase van Hardbop naar de Free Jazz. Coltrane bij Miles was hier in Europa een van de eerste signalen van wat er in de V.S. gaande was op Jazzgebied.

Terzijde 4
In zijn Discografie op: https://www.jazzdisco.org/john-coltrane/catalog/ kun je precies nagaan aan welke opnamesessies Coltrane deelnam en op welke platen Coltrane (mee-) speelde.