Rob Franken – Functional Stereo Music

Drie cd’s met bij elkaar net geen vier uur muziek. Dat is niet niks. En dan, zegt Frank Jochemsen van 678 records, is er ook nog dat er een keuze gemaakt uit de overweldigende hoeveelheid muziek! Door dat selecteren hebben we nu sporen uit drieëntwintig verschillende opnamesessies in huis. In totaal tweeëntwintig muzikanten hebben met Rob Franken samengewerkt om deze funcutionele muziek te maken.  Een verbazingwekkende verzameling van muziek, opnamen en muzikanten.

De muziek werd vorig jaar al uitgebracht op 6 langspelers en heeft daarmee een Edison-2019 verworven. Het is nu ook verkrijgbaar in een boxje met drie cd’s van elk rond de 79 minuten muziek. Op elke cd staan twee platen en hier en daar nog een paar bonustracks. De cd’s zijn dus volledig benut, mag je wel zeggen.

De muziek.
Als je het doel waarvoor het gemaakt is in aanmerking neemt, kun je het bescheiden muziek noemen: Het eist geen aandacht op en is aangenaam in het oor. Frappant is dat orgel en gitaar begeleid werd door het crème de la crème van de toenmalige Nederlandse ritme mensen en een enkele Amerikaanse muzikant.

De combinatie van de elektrische piano en de gitaar is altijd wel een succes geweest. Dat wordt hier opnieuw bevestigd. De gitarist was meestal Joop Scholten die in de Jaren ’70 als gitarist een druk bestaan leidde en met wie Franken vaak samenwerkte. Soms gordde Eef Albers de gitaar om. Een enkele keer is er een blazer in de studio aanwezig. Op de derde cd staan enkele opnamen met prachtig dwarsfluit werk van Ferdinand Povel en bespeelt Jiggs Whigham zijn trombone. Dat verrijkt die stukken zo, dat je eigenlijk meer van die sessies had willen horen. Zo speelt op een cd-helft de Duitse vibrafonist Wolfgang Schlüter mee, in plaats van een gitarist. Daarmee wordt de muziek ook weer gevarieerder, over het geheel van 3 cd’s.

Alhoewel de meeste stukken van Rob Franken of zijn mede musici afkomstig zijn, is er ook een wolk aan stukken van anderen te vinden. Niet alleen van de Amerikaanse Rockjazz mensen als Herbie Hancock, Chick Corea of Billly Cobham, maar ook van minder bekende Duitse componisten als Michael Naura  en Wolfgang Schlüter maar ook van de Belgische muzikant en componist Marc Moulin. Daar had onze toetsenist een fijne neus voor. Sommige stukken komen ook tevoorschijn op eerdere uitgaven van 678 records met de muziek van Rob Franken. Met andere woorden het waren ook ‘gewoon’ stukken die tijdens concerten op de setlist kwamen te staan. Zo staat ‘Six seven eight’, waarnaar het label is genoemd, niet alleen in deze reeks, maar werd door Rob Franken ook live gespeeld, net zoals ‘Esopet’, ‘Absorbed Love’ en ‘Zomaar in vieren’. Hij speelde die stukken dan met evenveel intentie en inzet. Altijd even beeldend en verhalend. Jammer dat de uitvoeringen op de cd soms wat korter gespeeld werden dan je zou willen. Maar misschien was dat wel het beleid bij het opnemen van de Functional Stereo Music. In ieder geval is het heerlijk om deze muziek in huis te hebben.

The Rob Franken Electrification
Functional Stereo Music 1, 2 en 3
678 records

De uitgebreide lijst van muzikanten:

Rob Franken – elektrische piano, synthesizers
Jiggs Whigham – trombone
Ferdinand Povel – fluit, Tenorsax
Jan Huydts – elektrische piano
Wolfgang Schlüter – vibrafoon
Eef Albers, Joop Scholten – elektrische gitaar
Harry Emmery, Wim Essed, Rob Langereis, Niels Henning Ørsted Pedersen, Koos Serierse, – contrabas
Wim Essed, Rob Langereis, John Lee, Theo de Jong – el. bas
Gerry Brown, Bruno Castellucci, Louis Debij, Eric Ineke, Louis de Lussanet, Evert Overweg, Henk Zomer, – drums
Wim v.d. Beek, Nippie Noya – percussie

Nota bene 1:
Bij de speurtocht naar de muziek van Rob Franken, kwam Frank Jochemsen ook een heleboel reclame foto’s uit de Jaren Zeventig tegen,  die hij uitermate geschikt vond om bij de LP’s en CD’s te gebruiken. Ze werden gemaakt door collega muzikanten: Koos Serierse en Robbie Pauwels. Piet Schreuders heeft er geheel in stijl, ook tijdgebonden hoezen van gemaakt. De oplettende kijker zal hebben gezien dat voor de negen dragers, 6 lp’s en drie cd’s verschillende foto’s zijn gebruikt. Ook al lijken ze hier en daar veel op elkaar.

Notabene 2
De 23 opnamedata toen de stukken werden opgenomen. De vraag rijst of Rob Franken vaker opnamen maakte en vooral: hoeveel is er op de plank blijven liggen!  Frank Jochemnsen heeft het over “Enkele van de beste tracks, de gemeenste breaks, de meest funky composities en de vetste Baslijnen. Los van het uitbundige spel van Franken zelf.
Uitgerekend bij de laatste opname datum stond geen opname studio vermeld.

13-08-1972 – Phonogram Studio’s Hilversum
23-09-1972 – Phonogram Studio’s Hilversum
12-11-1972 – Phonogram Studio’s Hilversum
15-02-1973 – Soundpush Studio, Blaricum
25-03-1973 – Phonogram Studio’s Hilversum

23-05-1973 – Phonogram Studio’s Hilversum
29-08-1973 – MC studio’s, Nederhorst den Berg
20-12-1973 – MC Studio’s, Nederhorst den Berg
04-03-1974 – Sound Push Studio Blaricum
13-07-1974 – Sound Push Studio Blaricum

20-11-1974 – Sound Push Studio Blaricum
01-03-1975 – Rainbow Studio’s ‘s-Gravenhage
21-04-1975 – Sound Push Studio Blaricum
01-06-1975 – MC Studio’s, Nederhorst den Berg
30-10-1975 – Dutch Music Centre (DMC) Baarn

01-12-1975 – Dutch Music Centre (DMC) Baarn
21-09-1976 – Sound Push Studio Blaricum
02-11-1976 – Dutch Music Centre (DMC) Baarn
07-10-1977 – Dali Press Studio’s, Nederhorst teh Nerg
26-05-1978 – Phonogram Studio’s Hilversum

01-02-1979 – MC Studio’s, Nederhorst den Berg
10-09-1979 – MC Studio’s, Nederhorst den Berg
30-01-1981 – ?

 

John Coltrane – Blue World

Zeker in de laatste jaren van zijn leven heeft John Coltrane vooral live een naam opgebouwd van de woest zoekende improvisator die zocht naar de ‘Ultieme Klank’. Daarnaast was hij ook in staat om zeer ingetogen en mooie ballads spelen. Eigenlijk vond hij naar mijn smaak daarin de ‘Ultieme Schoonheid’. Een van de LP’s waar op hij dat deed, komt uit 1962, draagt zijn naam als titel en bevat van die mooie langzame stukken. In die tijd wilde hij nog wel eens zijn sheets of sounds toepassen. Nu is er opnieuw een nieuwe uitgave met teruggevonden muziek uit juni 1964 van de tenorist. Het blijken stukken te zijn voor de Canadese film “Le Chat dans le sac” (De kat in de zak). Daarvoor heeft hij in een aparte opnamesessie eigen stukken van hem opnieuw opgenomen. Sommige meerdere keren.

Net zoals ‘Blue World’ worden ‘Naima’ en Village Blues’ in alle rust integer en geconcentreerd uitgewerkt. Doordat ‘Naima’ er twee keer op staat en ‘Village Blues’ drie keer, gaat er een hallucinerende werking van die herhaling uit. Dat komt ook door de voortdurende akkoordenreeksen die McCoy Tyner onder de muziek van de tenor zet. Het thema van ‘Village Blues’ bestaat eigenlijk een herhaald motief van vier noten. Door die eenvoud zing je het de tweede of derde keer meteen mee en volg je bijna automatisch het verloop van de compositie. Zonder dat het gaat vervelen. ‘Like Sonny’ en ‘Traneing in’ worden sneller gespeeld. ‘Like Sonny’ is ook een thema dat bestaat uit een vaak herhaald motief, zodat het wel in het geheel past. ‘Traneing in’ begint met een uitgebreide feature voor bassist Jimmy Garrison, zodat die ook zijn creativiteit op het thema kan botvieren. Daarna volgt McCoy dat voorbeeld, met een bluesy solo. Kortom op deze uitgave staat even mooie, maar nog bedachtzamer muziek als op het verloren gewaande album dat vorig jaar uitkwam onder de titel ‘Both Directions at once’. (zie hiervoor mijn bespreking)

John Coltrane – Blue World
Impulse!

John Coltrane – tenorsax
McCoy Tyner – piano
Jimmy Garrison – contrabas
Elvin Jones – drums

Kika Sprangers – Human Traits

Kika Sprangers is altsaxofoniste, bandleider en componiste. Ze heeft twee groepen, haar kwartet en het Large Ensemble op deze cd. Ze floreerde eerder al in het Nederlands Jeugd Jazz Orchestra onder leiding van Martin Fondse, vandaar dat hij een introductie in het cd-boekje schreef. In 2017 bracht ze al de EP ‘Leaves for Lily’ uit en vorig jaar was ze een van de Young Vips. Haar ster glanst al flink. Met deze schijf maakt ze met de grote groep haar officiële debuut.

De cd bestaat uit acht muzikale portretten en vier tussenstukken of interludes.

Elke compositie heeft zijn eigen kwaliteiten. Daarmee worden de karakters van de betreffende personen muzikaal verbeeld. In de cd-omslag zijn ook portretfoto’s van die mensen opgenomen. De combinatie van foto en muziek maakt het intrigerend om al kijkend de stukken te beluisteren. Dankzij de grote bezetting van elf muzikanten, kan ze een mooi klankenpalet tevoorschijn toveren. Haar groep bulkt van het talent, elk van hen is zelf ook hard op weg om een eigen carrière op te zetten.

Het is verre van conventionele Jazz. Er zijn invloeden van klassieke toonzetting en actuele klankvoering. Daarnaast wordt de spanning ook opgebouwd met swing en improvisatie. Muziek en portretten komen gevoelsmatig wel overeen. De foto geeft je inspiratie om de muziek te interpreteren. Dat maakt het luisteren tot een spel van combineren van muziek en bijbehorende foto. Daardoor is deze muziek duidelijk niet bedoeld als achtergrond, maar om goed te beluisteren.

Tussen de nummers door zijn vier ‘Interludes’ opgenomen. Die hebben het karakter van vrije improvisaties. In de vorm van een zich ontwikkelend groepsgebeuren.

De CD afluisterend hoor je heel andere muziek als op haar EP uit 2017. Dat is mede door de tegenstelling van kwartetmuziek tegen acht instrumentalisten en drie zangeressen. De EP is ook deels live opgenomen, terwijl deze CD een volledige studio-opname is. De muziek van de groep is doordacht en wel overwogen. Deze manier van schrijven, rustig en met een geleidelijke opbouw van lange lijnen en veel improvisatie, lijkt haar stijl te worden.

In het laatste stuk lijkt het alsof je op het verkeerde been wordt gezet. In ‘Lumen’, naar de foto te oordelen gaat het over een jong meisje, hoor je lange geblazen tonen van het orkest, terwijl de piccolo er vrij improviserend nauwelijks boven uit klimt. Je zou de verklanking van de springerige ontwikkeling van een kind verwachten. Hier wordt een verlegen en teruggetrokken kind verbeeld. En dan is het natuurlijk wel de juiste muziek. Bovendien is het een mooie afsluiting van de cd.

Kika Sprangers Large Ensemble – Human Traits
Zennez

Kika Sprangers – sopraan- en tenorsax
Anna Serierse, Sanne Rambags en Marit van der Lei – zang
Remi J. Edson – dwarsfluit
Koen Smits – trompet
Romain Bly – hoorn
Emilio Tritto – basklarinet
Koen Schalkwijk – piano, Wurlitzer
Alessandro Fongaro – contrabas
Willem Romers – drums

Presentatie: 20 september 2019

Let op: dit zijn geen opnamen van het Large Ensemble, die komen vast nog wel vrij, maar dit is wel heel erg de moeite waard.

 

Bley Peacock Motian – When Will the Blues Leave

Paul Bley was voor mij eigenlijk het bleekneusje van de Amerikaanse Jazz, ondanks het feit dat Henk Bernlef onveranderd enthousiast was over zijn spel. Die misvatting van mij kwam doordat ik slechts één Lp van hem in de kast had staan, ‘Sonor’ van maart 1983. Niet de beste introductie voor zijn muziek, kun je wel zeggen. De muziek was me te priegelig. Zodoende bleef Bley voor mij een gesloten boek.
Maar dit is goed!
Echter met deze live-opname uit 1999 in Lugano, maakt hij bij mij alles goed! Stukken die swingen en spannend zijn. Ze hebben alles om de aandacht erbij te houden. Ondanks dat het veel te maken heeft met vrije improvisatie. Daarbij komt dat dit de opvolger is van de cd ‘Not two, Not One uit 1999!
Of het nou redelijk stevige muziek is als het openingsnummer, ‘Nazatlan’ of de piano solo ‘Told you so’. Je blijft het vertelde verhaal volgen. In ‘Moor’, meteen achter ‘Told you so’ aan, zet Peacock met zijn contrabas de toon met een uptempo gespeelde solo. Bley en Motian voegen zich na verloop van tijd bescheiden in en lijken langzaamaan echt mee te durven spelen. Maar Peacock blijft leidend op zijn contrabas. Pas halfweg hebben de twee genoeg moed bij elkaar geraapt om volwaardig mee te doen, maar nog steeds: “The bass is leading!” Dan is het een over en weer uitwisselen van ideeën, totdat Peacock afrondt. Het lijkt me toe dat Het publiek met de nekharen overeind van de spanning, meeluisterde. Met de titel ‘Longer’ lijken ze die spanningsboog met succes vast te willen houden. Je raakt bij deze cd, als je echt gaat luisteren, niet ‘van ’t padje.’ Je blijft geboeid luisteren naar wat ze samen opbouwen, elkaar stimulerend en sturend.
HEA!
Tegen het eind van de cd komt Ornette Coleman’s ‘when will the blues Leave’ en veel Friezen veren dan op: “Hé! Dat ken ik!” denken ze dan. En dat klopt. Het is namelijk de tune van ‘Hea’. Een soort ‘Man bijt hond’ programma maar dan voor, door en over Friezen. Hea, betekent Hooi, maar je kunt het ook horen als ‘Heedaar!’ Terwijl het ook uitgelegd kan worden als een kreet van verbazing. Deze versie van ‘Leave’ is wel sneller, en voorzien van eigen interpretaties door de drie heren. En dat maakt deze versie weer spannend.
Ik denk dat het laatste nummer als toegift wordt gespeeld: ‘I Loves you Porgy’. Het is dan ook een pure liefdesverklaring die Paul Bley hier ontvouwt. Een intiem slot van een prachtig concert.

Paul Bley, Gary Peacock, Paul Motian – When Will the Blues Leave
ECM

Paul Bley – piano
Gary Peacock – contrabas
Paul Motian – drums