Hiske Oosterwijk zingt Fries, Frans en Engels op Stereobass

Hiske Oosterwijk – zang, composities en teksten
Makar Novikov – Contrabas (rechter kanaal), Piccolo Bas en basgitaar.
Daria Chernakova – Congrabas (linker kanaal)
Alexey Ivannikov – piano, wurlitzer
Sasha Mashin – drums

Ter aanvulling op deze bespreking van de cd/lp StereoBass:
In het Friesch Dagblad meldde ik dat de cd/lp in de V.S. zou zijn opgenomen, maar dit blijkt in Rusland te zijn geweest!
Daar heeft ze ook de musici leren kennen.
Blijkens een opmerking van Hiske zelf.
H.Fl.

Ruud Breuls-Simon Rigter Quintet – Rise and Shine

 

Ruud Breuls en Simon Rigter kennen elkaar al heel lang en hebben al veel samengespeeld. in Cees Slinger’s ‘Buddies In Soul’, in het Jazzorchestra of the Concertgebouw en in hun eigen quintet. Simon Rigter had in 1997 bij Cees Slinger het idee aangezwengeld om een geactualiseerde Diamond Five samen te stellen. Dat kreeg in 1998 gestalte. Ruud Breuls was de trompettist. In juni 2001 werd de cd ‘Happy Times’ door de Buddies in Soul opgenomen voor Blue Jack Jazz Records. Cees Slinger overleed in 2007 en het kwartet bleef verweesd achter. Sindsdien hebben de twee blazers jaarlijks, met Karel Boehlee, Jos Machtel en Marcel Serierse getoerd. Nu is er van dit vijftal dan toch eindelijk een cd voorhanden.

Mede doordat de meeste stukken van de hand zijn van Simon Rigter en van Karel Boehlee, is het een ‘echte Jazz’ cd geworden: uitgaande van het Hard Bop principe, wordt er zeer genuanceerde jazz neergelegd. Enerzijds fel en intensief, zoals in het openingsnummer ‘Mr. T.’ Van Karel Boehlee. Hier wordt gedegen en strak gespeeld, ook al rijst het vermoeden dat het stuk geïnspireerd is op wijlen Toots Thielemans, de altijd met gevoel en warmte spelende mond harmonica virtuoos. Maar ze brengen ook een prachtige Ballad als ‘Goodbye Cerbaia’. Ook uit de pen van Karel Boehlee.

In ‘Blanton’ een compositie van Simon Rigter, spelen ze zoals de legendarische Ellington bassist Jimmy Blanton dat deed. Dat is dus heel soepel en vloeiend. Dit stuk is natuurlijk een grote feature voor Jos Machtel. Heerlijk zoals de bas van de fraai spelende Jos Machtel in het geluidsbeeld naar voren is gehaald. De trompettist en de tenorist doen samen een (gestopte) duit in het zakje, met hun vier om viertjes en in het unisono spel met de pianist.

Bijzonder is dat op deze cd ook het stuk Olivia’s Dance van Simon Rigter tevoorschijn komt. Dat vinden we ook op de Dubble-cd ‘Crossroasds’ van het Jazzorchestra of the Concertgebouw. Het is al een oude compositie van Simon Rigter, zij het dat hij het nooit in publiek werd uitgevoerd. Toen het Jazzorchestra het wel in haar repertoire opnam, verscheen het ook bij dit Quintet op de setlist. Het vijftal speelt het met een lichtere toets. Maar dat zal komen door het rijke arrangement voor de Big Band.

Naast de stukken van Simon Rigter en Karel Boehlee is ook een standard opgenomen: ‘Let’s cool one’ van Thelonious Monk, waarin al die in mineur klinkende akkoorden voortdurend niet lijken op te lossen. Het vijftal houdt dat idee mooi in ere. Ze soleren wel flexibeler dan het thema aangeeft. Dat mag ook wel als je dat stuk al zeker tien jaar op het repertoire hebt staan. Dan ontwikkel je je solo’s in de loop van de tijd onherroepelijk steeds weer een stukje verder.

Het titelnummer van de cd, ‘Rise and Shine’ is net zoals het openingsnummer ‘Mr.T.’ een snel en fel nummer, waar de heren fiks uitpakken. Dit slotnummer vormt een prachtige afmaker van de cd.

Het is een groot swingend feest geworden, met vernieuwde hard- en bebop muziek.

Ruud Breuls – Trompet en Fluegelhorn
Simon Rigter – Tenorsaxofoon
Karel Boehlee – piano,  Fender Rhodes
Jos Machtel – contrabas
Marcel Serierse – drums

Ruud Breuls-Simon Rigter Quintet – Rise and Shine
Challenge

 

 

Jasper Blom verdient de Boy Edgar Prijs 2019

Het frontje van de cd Pie Dough van Zut Alors! uit 1991. Dit zal zijn eerste cd zijn. De achterkant van het omslagje was trouwens het spiegelbeeld van de voorkant. En het nummer van de CD is JB26

Als er iemand al dertig jaar bescheiden en integer met Jazz bezig is geweest, dan is het deze muzikant wel. Jasper Blom werkt zich voortdurend een slag in de rondte met Jazz. Groepen vormen, sideman in vele groepen en Lesgevenen vooral: Studeren, studeren, studeren. Dat mondt ook uit in zich steeds vernieuwende muziek. Daarom bouwt hij met een vast kwartet een oeuvre op van tien cd’s. Een prestigieus project dat hopelijk mag slagen. Daarvan heeft hij de helft al gehaald.

Zijn huidige Quartet en de eerste vijf cd’s

Voor dit kwartet heeft hij enkele hele grote Nederlandse muzikanten in de wacht weten te slepen: Jesse van Ruller is een van de meest begaafde gitaristen die we kennen, Frans van der Hoeven is een van de drukst bezette bassisten en Martijn Vink is de Nederlandse drummer par Excellence. Hij heeft ervaring in alle soorten Jazz en speelt net zo makkelijk in een popgroep.
Je kunt de ontwikkeling van de muziek van Jasper Blom vanaf 2007, toen de eerste cd met dit kwartet werd opgenomen, in de opeenvolgende cd’s ontwaren: de eerste twee cd’s werden strak door ditzelfde kwartet opgenomen. Echter op de tweede vind je al een stuk terug dat gestoeld is op de Middeleeuwse muziek! Van de componist Solage. Met andere woorden hij was toen al bezig met de muziek van pak weg 600 jaar geleden.
Op de derde kwam de Belgische zangeres Tutu Puoane zingend en improviserend in een nummer tevoorschijn.
Op de vierde kwamen opnieuw in enkele composities een zangeres en een zanger tevoorschijn: Lilian Vieira en Ruben Hein. Op deze cd hoor je ook het effect van de knoppen en schuiven terug. De zang van Lilian Vieira wordt eerst door de elektronica geleid. Ruben Hein zingt eerst unisono met de sax mee, om vervolgens in duel met de saxofonist te gaan.

Het front van zijn vierde kwartet cd ‘Audacity’. De andere vier hebben een vergelijkbaar front, maar dan met een ander lichaamsdeel met benoemingen van lijnen en delen. Deze cd werd gepresenteerd, januari 2015

De vijfde cd blijkt een dubbelaar te zijn. Ze zijn beide in hun geheel met een gastsolist live opgenomen in het Bimhuis. Hier hoor je dat Blom zijn spel opnieuw heel anders heeft laten beïnvloeden. Voor de thematiek op deze beide cd’s is hij in de Middeleeuwse Polyfone muziek gedoken. Zo heeft hij de voor de setlist met de Belgische trompettist Bert Joris stukken uit de Middeleeuwse Muziekliteratuur genomen en naar zijn hand gezet. Voor de speellijst met Nils Wogram als gastsolist, krap twee jaar later, ligt het accent veel meer op het uitwerken van de polyfonie. Dat wil niet zeggen dat die meerstemmigheid tijdens het concert met Bert Joris, twee jaar eerder, ontbreekt. Daar lag het concept anders. In de tussentijd heeft hij met Joris Roelofs een tijdlang de muziek van Debussy uitgewerkt. Noem dat niet Impressionistische muziek! Daar had Claude zelf een grote hekel aan.
Deze eerste vijf rechtvaardigen de vraag hoe het verder gaat met zijn ontwikkeling! De zesde lijkt in voorbereiding onder de werktitel Polyphony part three. met de pianist Pablo Held als gast solist. De muziek die Jasper Blom met hem speelt is gestoeld op de hedendaagse compositie techniek zoals die door Nederlandse Componist Peter Schat in zijn Toonklok systeem is verwerkt. die gaat uit van drieklanken.

Enkele Bands

Het eerste signaal van Jasper Blom in  1989, toen hij al druk bezig was in de Jazz. Uit: JazzNu 125 van april 1989.

Terug gravend in de tijd, vind je een eerste bericht in het toenmalige JazzNu nummertje 125 van April 1989: in de Rubriek “Nieuw Talent” van het Reclamebureau van Han Schulte en Partners. 24 jaar was de saxofonist toen en had al of zat op dat moment in vier groepen: Bad Circuits, Vibes Unit, Jasper Blom Kwartet en Cees Slinger’s Octet. Die groepen kunnen sindsdien fors met eigen groepen en lidmaatschappen worden aangevuld. Onder andere met  Supreme Headquarters, Zut Alors, 5 up High en Ensemble à l’improviste, zijn eerbewijs met Joris Roelofs aan de muziek van Claude Debussy. Natuurlijk zit hij ook in de David Kweksilber Big Band en speelde hij bij Corrie en de Brokken. Hij was lid van Estrella Acosta’s Estrella de Ahora,. Werkte in Mona Lisa Overdrive en niet te vergeten bij Mark van Vugt’s Big Bizar Habit. Hij was de saxofonist in Tripod van Francien van Tuinen en lid van het dubbel Quintet van Pierre Courbois. Allemaal bijzondere projecten en groepen, die deels in de vergetelheid zijn geraakt. Verder speelde hij met en in een onafzienbare rij musici en groepen. Samen met Maarten Hogenhuis op alt is hij ook de saxofonist van Krupa & the Genes.

Ugly Beauty

Een bijzonder gebeuren was dat hij in eerste instantie de saxofonist was in Ugly Beauty, het bandje van Robert Jan Vermeulen, waarin alleen stukken van Thelonious Monk werden gespeeld (en een enkele compositie van Misha). Echter omdat Jasper tijdens de cd-opname niet bereikbaar was, nam Benjamin Herman zijn plaats in en die deed dus aansluitend de tournee. Ben Herman kon op zijn beurt niet bij het laatste concert van dit kwartet zijn, zodat Jasper toch nog een keer zijn studiewerk aan dit project live kon testen.

De humor in zijn titels en aankondigingen

Zijn aankondigingen zijn in de regel droogkomisch. Je moet er als het ware een of meer dekens van af pellen.  Een klassiek gegeven is zijn titel “Your beauty and my brains” een opmerking die Einstein gebezigd zou hebben tegen Marilyn Monroe.

Onderzoekingen

Al in de jaren negentig meldde hij dat hij regelmatig studies ‘ter instrument’ nam om dieper door te dringen in  een bepaald aspect van de Jazzmuziek. Toen noemde hij Lester Young als onderwerp. Andere zaken waren zoal zijn onderzoekingen naar de muziek van  Claude Debussy en de melodieën en thema’s uit en de polyfonie van de Middeleeuwen. Zijn samenwerking met Michael Moore in Zut Alors, in de jaren negentig zal ook een boost gegeven hebben aan die onderzoekingsdrang.

In zijn eigen Quartet met Jesse van Ruller, Frans van der Hoeven en Martijn Vink speelde hij niet alleen zijn eigen composities, maar onderzocht ook de mogelijkheden van elektronica voor zijn tenorsax. In die tijd had hij op zijn muziekstandaard een verzameling oude apparaatjes met knoppen en schuiven waarmee hij het geluid van zijn sax kon beïnvloeden. Niet altijd met evenveel succes en effect, maar toch. Het verbreedde zijn inzichten en mogelijkheden. De laatste jaren is hij ook bezig met muzikale technieken buiten de Jazz. Met de muziek van Debussy en de Middeleeuwse polyfonie. Het houdt niet op.

Zijn Leraarschap aan het Conservatorium houdt niet alleen in dat hij klassikaal les geeft, maar ook en vooral dat hij voor de studenten heel veel gelegenheid creëert om te kunnen spelen. tot en met groepen waarin studenten meespelen. Zo leer je het vak het best.

Kortom, Gezien zijn oeuvre, de vele activiteiten en de breedte van zijn muzikale activiteiten, is het terecht dat hij deze grote Prijs van de Nederlandse Jazz is toegekend.

Van harte gefeliciteerd!